Je strekt je armen steeds verder uit om een menu, een whatsapp bericht of de ingrediënten op een verpakking te kunnen lezen. Herkenbaar? Vanaf je veertigste of vijftigste wordt lezen op korte afstand voor veel mensen plots een uitdaging. Dit heet presbyopie of ouderdomsverziendheid, een natuurlijk verouderingsproces van het oog. Gelukkig bestaan er vandaag verschillende mogelijkheden om minder afhankelijk te worden van je leesbril. Soms kun je zelfs volledig brilvrij leven.
Waarom heb ik een leesbril nodig?
In het oog zit een natuurlijke lens die helpt om scherp te stellen, zowel veraf als dichtbij. Met de jaren verliest deze lens haar soepelheid. Hierdoor wordt het moeilijker om kleine letters te lezen of te werken op korte afstand. Presbyopie is geen ziekte, maar een normaal ouderdomsverschijnsel dat iedereen treft.
Alternatieven voor een leesbril
Contactlenzen met monovisie
Een eerste stap kan het dragen van contactlenzen met monovisie zijn. Hierbij wordt één oog ingesteld om ver te zien en het andere om dichtbij te lezen. Ongeveer de helft van de mensen kan zich hier vrij vlot aan aanpassen. Contactlenzen zijn een goede manier om te testen of je ogen en hersenen dit principe verdragen.
Multifocale contactlenzen bestaan ook, maar door het combineren van verschillende afstanden in één contactlens gaat er kwaliteit van het zicht verloren. Hierdoor is de meerderheid van de gebruikers niet volledig tevreden met het resultaat.
Ooglaseren
Bij sommige mensen kan een ooglaserbehandeling helpen. Multifocaal ooglaseren is echter geen (goede) optie. Daarom wordt bij ooglaseren voor leesproblemen ook monovisie toegepast: één oog wordt ingesteld voor veraf, het andere voor dichtbij.
Niet iedereen verdraagt deze oplossing even goed. Daarom kunnen we dit vooraf testen met een leesbril of een op maat gemaakt pasbrilletje. Wie monovisie goed verdraagt, is vaak jarenlang brilvrij. Hou wel rekening dat je voor kleine lettertjes of voor verre afstanden in het donker mogelijks nog een bril nodig hebt.
Lensvervanging
Vanaf ongeveer 45-50 jaar kan een lensvervanging overwogen worden. De natuurlijke lens wordt vervangen door een kunstlens die zowel veraf als dichtbij kan scherpstellen. Deze ingreep is identiek aan een cataractoperatie die normaliter rond de leeftijd van 70 jaar uitgevoerd wordt.
Tijdens het vooronderzoek analyseren we je ogen, levensstijl en verwachtingen. Welke kunstlens het best bij je past, bepalen we samen op basis van je persoonlijke situatie. Voor mensen die zonder bril willen functioneren, ligt de keuze meestal bij een tussenlens (EDOF-lens of comfortlens) of een multifocale lens. Afhankelijk van je ogen kiezen we soms voor een subcategorie of voor een lichte variant van monovisie. Elke behandeling wordt zo afgestemd op jouw unieke situatie.
De meeste patiënten kunnen goed overweg met de nieuwe lensimplantaten. Vaak al kort na de operatie, maar je hersenen hebben tot zes maanden nodig om volledig te wennen aan het nieuwe zicht. Daarna blijft je zicht levenslang stabiel, met uitzondering van zeer kleine veranderingen.
=> Lees meer over lensvervanging
Welke oplossing past bij jou?
Niet elke oplossing past bij iedereen. Je leeftijd, eventuele voorafbestaande correcties, beroep, hobby's en verwachtingen spelen allemaal een rol. Daarom is een grondig vooronderzoek met de oogarts essentieel. Samen zoeken we naar de oplossing die het best bij jou en je leven past.